Flexibel werken
Bij de meeste ondernemingen heeft een werknemer zijn eigen werkplek. Stelt u zich eens voor hoeveel geld er wordt gespendeerd aan overbodige ruimte! Bedrijven met 25 tot 50% overtollige ruimte zijn geen uitzondering.
De snelle opkomst van het flexwerken, waarbij werknemers vanuit huis, het OV of vanaf een andere werkplek werken, heeft geresulteerd in een ongekende afname van het gebruik van kantoorruimte. In tegenstelling tot wat door het management vaak wordt gedacht, namelijk dat de bezettingsgraad van de ondersteunende afdelingen 100% is en die van de managers en overige werknemers zo’n 60 tot 70%, is de reële bezetting vaak eerder 40%.
Gedeelde werkruimte
De manier waarop we werken verandert voortdurend. Werknemers kiezen in toenemende mate voor flexibel werken. Dit betekent dat ze lang niet allemaal meer een vaste werkplek nodig hebben en dat bedrijven dus onnodig miljoenen euro’s besteden aan onderbezette werkplekken.
Tot voor kort losten bedrijven dit probleem van de halflege kantoren op door het aantal beschikbare werkplekken te halveren en hun personeel te vragen gebruik te maken van de vrije bureaus. Dit concept bleek echter niet populair bij werknemers en viel ook lastig te managen.
Wilt u het delen van werkplekken echt laten slagen, dan is het belangrijk dat uw personeel zich niet vervreemd voelt van zijn werkomgeving. Ook al is een werknemer maar een of twee dagen per week aanwezig, toch stelt hij zo zijn eigen eisen aan zijn werkplek.
De overgang naar goed werkende flexplekken zal zeker gebaat zijn bij een systeem waarbij werknemers een plek kunnen reserveren die voldoet aan hun eisen (afmetingen van het bureau, mate van privacy en beschikking over bepaalde software).